Bootje

Eerste liefde, tweede liefde, derde liefde. Oorlog, ziekte, voortgejaagd, doodgelopen. Een plotseling inzicht waarin alle vragen oplossen. Lente, zomer, herfst, winter. Weten en vergeten. Opgaan, blinken en verzinken. Een knipoog. Kiespijn. Een kind en een poes en een klavertje vier. En nog veel meer. God dronken in de goot. Aangifte IB 2019. Dag schat. Ontelbaar veel meer. Wat wij mensen niet allemaal meemaken!

*

Ik kijk naar mijn vrouw. Wij zijn twee dagen geleden teruggekomen uit Duitsland. Zij weet niet waar zij is of wanneer zij is. Dat komt door de alzheimer, maar ik heb het ook. Die bovenlaag van tijd en ruimte is zo dun, zo’n klein deel van wat ik ben en daaronder, nog groter, oneindig, wat ik niet ben, wat in iedere geval niet de naam Hans Korteweg heeft.
Ik kijk naar haar, zij schudt haar hoofd en ziet mij opeens in deze oneindigheid, een bekend gezicht, goed volk, zij lacht mij toe. Twee bekenden, reizigers, zo lang samen opgetrokken in deze wereld tussen geboorte en dood. En ook nog anders bekend, dat is steeds meer vrijgekomen, licht dat licht herkent, voorbij namen en vormen.

Stel je eens voor: een riviertje omlaagkomend uit de bergen, nu eens breed zich uitspreidend, dan weer versmallend, stromend helder water. En dan, door een mysterieuze moleculaire omzetting, het is een wonder, geraakt het water in een staat van verdichting, er rijst iets op, een ding, een ondoorzichtig ding, dat zich uit het water verheft en blijft drijven, zich voortbeweegt op het water, apart, een bootje, dat met de stroom meegaat, ja, zelfs tegen de stroom ingaat, even, alles even, want iets verder op de stroom wordt het bootje weer opgenomen in de stroom, lost daar op, wordt tot water, water, water, tot het weer wat verder, maar wat is verder in het water? opnieuw oprijst, weer iets wordt, een ding, anders van vorm misschien, maar toch duidelijk een ding, los van het water, een bootje, dat een eigen richting kan gaan, ook tegen de stroom in. En weer oplost.
Stroom en bootje. Altijd de stroom, het bootje steeds weer.

Zo zie ik het bij mijn vrouw en zo ken ik het bij mijzelf. Er is de voortgaande stroom, ononderbroken helderheid, en daarin wordt een gedachte geboren, die zich losmaakt uit het geheel. De gedachte neemt vorm aan, wordt tot woord. Ik zie bij haar dat de stroom steeds sterker wordt en dat de gedachtes maar een kort bestaan beschoren zijn en vaak niet meer uitmonden in woorden.
Wij communiceren niet meer vooral via de woorden. De communicatie is niet meer in de eerste plaats lineair, woordpakketje volgend op woordpakketje, het is meer de smaak van water, de stroombeweging, de golfslag. Dat kan ik vaak wel vertalen in een woordpakketje, maar dat heeft alleen maar zin, niet alleen voor haar maar ook voor mij, als ik haar niet zie als een gebrekkige, als een beetje idioot, die ik tegemoet moet komen. Nee, we zijn samen betrokken in een meditatie, waarin ik in essentie niet het overzicht heb. En nog iets: wij zijn beiden kunstenaars – levenskunstenaars. Dit is ons materiaal. Hiermee creëren we. En hierin zijn we stil.

Wat mij blijft boeien is dat dit bootje dat oprijst uit de stroom, toch een eigen kleur en een eigen vorm heeft, een eigen signatuur. Terwijl het is opgelost, er is zichtbaar niets meer van over, keert het toch weer terug in een bepaalde eigenheid. Niet alleen het water is het Ene, ook de manifestatie, in alle doorzichtigheid en tegelijkertijd mogelijkheid biedend tot fixatie, is het Ene.
Ik zie de signatuur in de tekeningen van Hanneke, een eigen lijnvoering, eigen kleuren. Net zoals zij, die Onbenoembare, een eigen gelaat heeft met een eigen expressie, iedere morgen als zij wakker wordt, iedere keer als zij verzonken is geweest in de stroom, hoe zij loopt, hoe zij haar hand op mijn schouder laat rusten, hoe zij danst, hoe zij een hekel heeft aan bepaalde mensen (ook mensen die zij niet eerder heeft gezien, ik kan het meestal wel voorspellen) en hoe zij zich vertrouwensvol opent voor andere mensen die zij groet op straat en met wie zij opeens een praatje maakt (ook mensen die zij nooit heeft gezien, totaal onvoorspelbaar).

Er is geen bedoeling, geen straks meer voor haar. Niets wat zich ontwikkelt, alleen dit, dit wat oprijst in dit beeldloze moment. Daarin is zij en doet zij.
Praat je dan nog over kunst, of is het diepe meditatie, of toch een ziekte?
Wat mij betreft is het een en hetzelfde.

Geplaatst in Hans' weblog
4 reacties op “Bootje
  1. Loes Jacobs schreef:

    Dag Hans,
    Wat een mooi beeld: dit bootje dat steeds weer oprijst uit de stroom met toch een eigen kleur, een eigen signatuur, terwijl het is opgelost, keert het toch weer.
    Het raakt me!
    Loes Jacobs

  2. Marina schreef:

    Verwondering en schoonheid, dit is wat liefde vermag.
    Het bootje wat oprijst uit de stroom en tot vorm wordt. Wat een vriendelijke en komische gestalte heeft Hanneke daaraan gegeven. Ik geniet van haar tekeningetjes, die precisie en verfijning, die niet ingeperkt lijkt door de problemen met hand en pols. Dit is Hanneke!

    Niets wat zich ontwikkelt… ook niets wat zich verwikkelt.

    Jouw weergave Hans van dit toch eigenlijke behoorlijk dramatische gebeuren, heeft weer zo’n mooie vorm gekregen. Steeds weer jouw inzet om het leven te beschouwen en je opnieuw te blijven verwonderen, waardoor ik ook met nieuwe ogen kijken kan.
    Dank, jullie beiden!

  3. Anita.hamburg schreef:

    Dankjewel Hans ….wederoms weer voor dit verhaal xxx

    Dankjewel Hanneke voor de prachtige tekeningen….de kunstwerkjes xxx

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*