Het noodzakelijk zwart (3)

Naar aanleiding van mijn laatste blogs heb ik bezorgde reacties gekregen, omdat mensen meenden dat ik het moeilijk had en dat het mij slecht ging. Dat is heel lief, maar het is ditmaal niet nodig. Een paar afleveringen geleden (In het paradijs – 15) vertelde ik dat ik met mijzelf te doen had, maar daarvan is nu geen sprake. Ik ben niet iets aan het onthullen omtrent mijzelf, ik probeer slechts van mij uit duidelijk te maken dat het duister (het duister in de wereld, het duister in jezelf) het beginmateriaal is van het Grote Werk en dat het gaat om toewending van de geest, om aanwezig zijn ook in het ongewenste, in plaats van om afwending en bezwering. En ik probeer aan te geven dat er hier in het westen een traditie is die een weg wijst door het duister, een alchemistische weg van omzetting en heling, die naar mijn mening nauw verwant is aan Dzogchen. Het is een blijde boodschap.

Ook hierbij is weer het probleem dat woorden, anders dan bijvoorbeeld muziek, zo makkelijk een omlijnd begrip suggereren en daarmee een tegenstelling oproepen. Bijna voordat je het weet raak je verzeild in een denken in conceptuele pakketjes, waarbij de vloeibare werkelijkheid verloren gaat. Eigenlijk biedt alleen de diepte van de taal, het levende woord, waar de taal grenst aan muziek, op dit probleem een antwoord.
Ik pretendeer niet dat ik het levende woord tot mijn beschikking heb, maar ik doe wel mijn best om niet te vervallen in al te grote systematiek en dogmatiek. Ik probeer zo zuiver mogelijk te verwoorden wat ik in mij hoor zingen en moet het daarin doen met mijn beperkte vermogens. Het blijft toch altijd een cadeau.
Soms krijg ik de geest, dan gaat het schrijven vanzelf. Soms kan ik anderen aanhalen, vrienden, geestverwanten, dichters, die het weer eens anders zeggen en mij daarmee een zetje geven. Soms vertel ik een persoonlijke anekdote, over hoe het wonder in mijn bestaan plaatsvindt, met alle drama van dien. Soms ook kan ik een gedachtentreintje benutten, dat al een tijdje bij mij rondjes rijdt. En heel vaak ontdek ik pas terwijl ik aan het schrijven ben waar het mij werkelijk om gaat. Uit de worsteling wordt als het meezit dan een fris woord geboren.
De leidraad is duidelijk, het is zoeken naar vorm.

Zo ben ik nu aan het schrijven over het noodzakelijk zwart.

*

Als de beloftes, die jij of anderen jezelf hebt gegeven, niet worden gerealiseerd, slaat nihilisme vaak toe. Het is als het ware een laatste ideaal, een alles omvattend grauw ideaal van zinloosheid. Toch een zekerheid. Zo zit het namelijk: het is allemaal voor niets.
Het niet doorleven van teleurstelling veroorzaakt een bitterheid die doet generaliseren: iedereen is altijd… Daarbij bestaat het gevaar dat het kind (het misschien wel echte verlangen, de oorspronkelijke inspiratie) met het badwater wordt weggeworpen. Een paar voorbeelden:

Vier generaties socialisten. Levend voor het grote ideaal, de nieuwe wereld, zonder kerk, kroeg, kapitaal, kazerne, een toekomst zonder verworpenen der aarde. Domela Nieuwenhuis, Pieter Jelles Troelstra, Willem Drees, Joop den Uyl, en toen kwamen de neoliberale verkwanselaars van de idealen en namen het over. Hand in hand met de heren en dames van de VVD verloochenden ze alles wat nog resteerde aan solidariteit en verraadden ze alles waarvoor de voorgaande generaties hadden gestreden. Het was natuurlijk al een tijd gaande, de afbrokkeling, de verwording, de holle taal, maar nu werd in een paar jaar alles wat nog restte weggevaagd, weggehoond bijna. Allemaal leugens. Geen politicus is te vertrouwen.
Vijftien generaties protestanten, God vrezend, de geboden nalevend, kerkgangers, ouderlingen, dominees, gezagsgetrouw en ijverig. En dan breekt na jarenlang piekeren het besef door dat het allemaal een illusie is en bovendien blijkt dat de anderen dit allang wisten en alleen nog naar de kerk gingen omdat je dat nu eenmaal doet. Leven na de dood, hemel en hel, boerenbedrog, zelfs Jezus heeft nooit bestaan, niets over te vinden in de echte geschiedenis, geloof, hoop en liefde, allemaal praat van kwezels, die zelf zich niet houden aan wat zij anderen voorschrijven, en dan ook nog eens die voortdurende schuld, die nooit kan worden ingelost. Het is allemaal voor niets.
Eén generatie. Twintig jaar getrouwd, twee kinderen in de puberteit, hoge hypotheek, een goed huwelijk, niet slecht in ieder geval, en nu blijkt zij, blijkt hij, al een jaar of drie een geliefde te hebben. Alles volkomen anders dan zij dachten. Het was allemaal bedrog. Liefde is een illusie.

*

Bewaar je ‘het kind’ terwijl het ‘oude badwater’ wordt weggegooid? Ontdek je het kind opnieuw, neem je het op en draag je het aan je hart, hoe groot de tegenkracht ook is? Dat is de toetsing.

De toetsing die plaatsvindt in het noodzakelijk zwart is een verbijsterende en pijn­lijke ervaring die het mogelijk maakt alles in te zetten wat je hebt. Zoals rozen door de snoei rijker knop kunnen dragen, zo kunnen wij mensen het ongewenste en schijnbaar zinloze beantwoorden door het beste in ons aan het licht te brengen.
Zonder hoop zijn en toch niet wanhopig. Verdrietig zijn zonder zelfmedelijden. Boos zonder wrok. Zo is de alchemist in het duister. Hij twijfelt voortdurend, maar is niet vertwijfeld. Hij heeft geen uitzicht en hij maakt zich ook geen uitzicht. Hij richt zich niet op de toekomst maar op het licht van zijn vertrou­wen, hoe klein dat ook is. Hij laat leegte leegte. Dat is het werk in deze fase. Gestaag werk.

Deze afbeelding laat zien dat het in deze fase van het Grote Werk gaat om de dood op de voorgrond en het nieuwe dat uit het verborgene oprijst. Het graan – lichtkracht – wordt gezaaid in de donkere aarde van de dodenakker. De raven pikken het op. Het lijkt verloren, maar we zien dat het zich uit het graf in volle glorie opricht. Net zoals de dode die op de voorgrond ligt te vergaan uit het graf tot nieuw leven komt.
De sleutel hiertoe (zichtbaar op de schietschijf op de achtergrond) zijn de twee boogschutters, die uiterst geconcentreerd, zonder te weifelen en zonder acht te slaan op de raven en het vergaan, zich blijven richten op het doel. Zij weten dat het licht niet wordt aangetast door de verduistering van het licht en dat de winter eindig is.
In de stilte wordt het midden gehouden. Niet vluch­ten en niet vooruitstreven, niet overdrijven en niet onderdrukken, niet verzinnen en niet verdringen – luisteren naar ‘de raaf’ en niet als een raaf worden.

Daarin wordt het wit geboren.
De tweede geboorte. De eerste verlichting.

(wordt vervolgd)

Geplaatst in Hans' weblog
9 reacties op “Het noodzakelijk zwart (3)
  1. lida schreef:

    Dag Hans, dank je wel voor deze serie prachtige teksten over het noodzakelijke zwart.

  2. Inge schreef:

    En wat doet de engel volgens jou , Hans?

  3. Debbie schreef:

    Wat een rijkdom aan wijze woorden, dank hiervoor. Zo raak getroffen: ‘Het niet doorleven van teleurstelling, veroorzaakt een bitterheid die doet generaliseren & over het kind met het badwater weggooien: de idealen van weleer die nu worden losgelaten in de samenleving; het toenemende nihilisme & over het als mens ‘de dingen niet meer kunnen uithouden’ (zoals het plotseling opgeven van een harmonieus huwelijk voor een ander) … ‘. Ik was deze woorden aan het lezen op mijn telefoon (aan de ontbijttafel, overgoten door de zon ) toen ze doorkruist werden door een berichtje van mijn man, die nu aan het wandelen is (en blijkbaar langs een boekwinkel kwam) met daarin dit gedicht van Lucebert:

    de zeer oude zingt
    er is niet meer bij weinig
    noch is er minder
    nog is onzeker wat er was
    wat wordt wordt willoos
    eerst als het er is is het ernst
    het herinnert zich heilloos
    en blijft ijlings

    alles van waarde is weerloos
    wordt van aanraakbaarheid
    rijk
    en aan alles gelijk

    als harten van de tijd
    als harten van de tijd

  4. Rob Peters schreef:

    Ik las in de Volkskrant dat Ruud Voigt overleden was. Toen moest ik aan Jaap Voigt denken, en het ITIP.
    En dat bracht me bij de boeken die je geschreven hebt.
    30 jaar gelden stond je een keer bij ons voor de klas. Op uitnodiging van Carolien Quispel voor 250 bedrijfskunde studenten met Samsonite koffertjes in Groningen.zij doceerde “ transformatiemanagement”. En jij vertelde iets over draken ( verhaal van Leo kouwenhoven? , dat weet ik niet meer zeker, ik ging de verhalen door elkaar halen na een poosje:-) en durven springen in het duistere onbekende. Wat me bijgebleven is, is dat je liters water dronk en heel veel heen en weer liep, daar in die collegezaal vol onbegrijpende carrierejagertjes in dop. Als gevolg van de toenmalige verhalen van Leo, Jaap, Carolien ben ik op zoek gegaan. Uiteindelijk sleepte mijn vrouw me mee naar Venwoude. Daaruit is 20 jaar lang het trainingscentrum kasteeldeschans ontstaan. Mijn versie van een ITIP.
    Ik heb nu veel voor groepen en soms hele bedrijfssectoren gestaan. Veelal mensen die vastgenageld zitten in hun eigen denkconstructies. Soms voortbordurend op vergeten oude idealen zoals je omschrijft in je verhaal hierboven.
    Het valt niet altijd mee om zelf de baby te blijven zien in een overmacht aan badwater. Dan bevries ik bijna zelf in onmacht en ijdelheid. Ode aan de naam Voigt.Ode aan het springen in het onbekende.
    Dank voor je duiding van het grote werk. Ik begrijp nu heel goed waarom je zoveel water dronk en heen en weer liep

  5. Nel schreef:

    Mijn dank is groot!

  6. Alexandra schreef:

    Lieve Hans, ik lees je blogs voor aan mijn vader (77) die alleen in de Watergraafsmeer in Amsterdam woont als ik hem bezoek. Het resoneert bij hem, en bij mij. Dankbaar dat je met ons deelt.

  7. Janneke Blijdorp schreef:

    Wat een indrukwekkende serie over “het noodzakelijk zwart” schrijf je hier Hans. Zo waar en zo herkenbaar; zo zorgvuldig verwoord. Een waar geschenk in deze tijd van het jaar. Maar ook in deze tijd.
    “Niet vluch­ten en niet vooruitstreven, niet overdrijven en niet onderdrukken, niet verzinnen en niet verdringen – luisteren naar ‘de raaf’ en niet als een raaf worden. Daarin wordt het wit geboren”.
    Dank

  8. Anita hamburg schreef:

    Dankjewel Hans…..weer twee mooie verhalen ….die ik laat in dalen xxx

  9. Peter schreef:

    In de stilte wordt het midden gehouden, ja, en hoe precies geformuleerd.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*