Hulp (8)

Ik begon deze serie met een droom die ik beschouwde als een aankondiging van de ziekte van Hanneke. De droom eindigde ermee dat ik tegen Hanneke zei: ‘Kom maar hier, mijn liefje. Nu gaan wij sterven.’ Wij gingen op de grond liggen en ik sloeg mijn armen om haar heen.
En zo is het gebeurd. Ik heb mijn armen om haar heen geslagen en zij heeft zich aan mij toevertrouwd. Dat was niet iets wat ik alleen deed, we deden het beiden.
Ik kan de toekomst niet overzien, maar als het mij mogelijk is blijf ik voor haar zorgen. Tot aan haar dood. Of tot aan mijn dood.

Als ik het zo zeg, lijkt het alsof ik een commitment heb gemaakt aan mijn vrouw, maar dat is niet het geval. Het is eigenlijk zelfs niet een commitment, ik heb niet een gelofte afgelegd en er is geen verplichting. Het is een diep besef dat dit de meest natuurlijke weg is die ik kan gaan, waarbij ik het geluk heb dat deze vrouw, die mij zo lief is, deze weg ook gaat. Daardoor is het tegelijkertijd zorg voor de ziel – haar ziel, mijn ziel.
Natuurlijk, het is een offer dat ik dagelijks breng, het vraagt heel veel van mij, ik hoef het niet mooier te maken dan het is, maar het is in zekere zin ook puur eigenbelang. Want zo ben ik het meest in mijn element, in het licht.

Deze verbintenis tussen ons staat in een stralend licht. Dat was vroeger al zo, maar vroeger was dit centrale licht nog omhuld met voorwaarden en verwachtingen, en die omhulling is weggevallen. Daarom zeg ik nu ook dat niet de verbintenis maar het licht in het middelpunt staat.
Wij zijn beiden in het licht en wij hebben ook beiden een primaire verhouding tot het licht, de bron van ons bestaan. Daarbij is onze verhouding als het ware een tweede ring waar wij elkaar ontmoeten, een vorm van wederzijdse expressie. En daaromheen ligt dan weer een volgende ring, de ring van de omstandigheden waar wij mee te maken hebben.

De kernexplosie in de droom, de ziekte van Hanneke in onze dagelijkse werkelijkheid, beschouw ik dus niet als het middelpunt van ons bestaan, maar als een van de omstandigheden. De omstandigheden doen zich in allerlei gedaanten voor. Ze zijn van alles door elkaar, licht en donker met alle tussentinten.
Zo is het voor ons. Het zou ook omgekeerd kunnen zijn. Als het omgekeerd was, zouden we het vermoedelijk veel moeilijker hebben. Als haar ziekte het middelpunt was van ons bestaan, zou de ziekte een ramp zijn en wij zouden de slachtoffers zijn van die ramp. Nu is het om te beginnen een avontuur, een opgave, een spel ook. En om er nog een vergelijking aan toe te voegen: een klaslokaal waar wij samen in zitten. Een leerproces, een avontuur, een spel waarbij we soms hevig moeten afzien.

Een vriend vertelde over zijn zus die alzheimer had. Zij rende het huis uit, doodsbang, naar de politie, want er was een vreemde man in haar huis, een inbreker. De politie ging met haar mee naar haar huis en daar was inderdaad een man, het was niet een inbreker, hij had ook de sleutel van het huis, hij was de man met wie zij al vele jaren getrouwd was.
Dat was de werkelijkheid van die man en die vrouw. Misschien waren ze al jaren vreemden van elkaar en werd dat nu duidelijk, maar misschien was het niet zo eenvoudig, zo psychologisch duidbaar. Misschien was het bij hen net zo onverklaarbaar als bij ons.
Het lijkt mij heel moeilijk als er niet die momenten zijn van diep samenkomen, voorbij alle belemmeringen. Als het besef dat je ten diepste verbonden bent er niet is, word je, lijkt mij, veel makkelijker een zorgverlener waarbij het gebrek in het middelpunt staat. Maar ook dan is het mogelijk dat je dit gebeuren ervaart als, zoals ik het noem, een gegeven werkelijkheid, als kloppend en zinvol, waardoor je in je dienstbaarheid toch vrij in het middelpunt komt te staan.

Middelpunt en omtrek. Ik vergelijk het wel met een ouderwets carrousel. In het midden is de as waaromheen alles draait, aan de omtrek zijn de paarden en wagentjes die voortrazen. In het centrum is het stille besef, aan de periferie zijn de emoties en gedachten die rond en rond gaan. Je kunt je verliezen in de emoties en gedachten en je kunt ook steeds weer van de emoties en gedachten terugkeren naar het lege centrum.
Mogelijk ga je merken dat de emoties en gedachten een verandering ondergaan en verstillen wanneer ze niet meer alles beheersend voortrazen. Gaandeweg verandert de draaimolen met die zich herhalende emoties en gedachten, met het geïsoleerde lijden in zo’n wagentje aan de periferie, tot een mandala, een zich ontvouwende bloem, waarin de gevoelens en gedachten een eigen plek hebben en kleuren blijken te zijn van manifestatie.

Van draaimolen tot mandala. Van vicieuze cirkel tot expressie van liefde en mededogen. Zo staat de Hulp in het middelpunt en strekt zich uit tot in de periferie. Dat te aanvaarden en daarop in te gaan, dat is het grote werk.

PS De afgelopen tien jaar heeft Hanneke heel wat mandala’s getekend. Zo nu en dan doet zij dat nog weleens. Ik heb een aantal daarvan al eerder hier op mijn blog gepubliceerd. Het lijkt mij passend er hier nu wat meer te plaatsen – vier uit vele tientallen.

(wordt vervolgd)

Geplaatst in Hans' weblog
5 reacties op “Hulp (8)
  1. Astrid schreef:

    Prachtig, verhelderend en ontroerend, dank je wel.

  2. marian lamboo schreef:

    lieve hanneke,

    Vier mandala’s. Alle vier heel verschillend. En tegelijkertijd alle vier uitgaand van een middelpunt met daaromheen een omtrek. Heel treffend en aansluitend op waar Hans nu over verteld. Dank je wel.
    lieve groet Marian

  3. Darja schreef:

    Een diep samenzijn… in deze blog. Jouw woorden, Hannekes beelden. lief! Het ontroert me.

  4. Monique schreef:

    Een diepe buiging….

    Zo mooi verwoord, het resoneert in mijn licht. Ik zal het nog vaak herlezen omdat het mij inspireert op vlakken waar ik rationeel niet bij kan maar waar zich in mijn en onze ‘ringen’ processen voltrekken. Ook al ben ik niet dagelijks samen met de ziekte Alzheimer (ben je op het spoor gekomen omdat lieve vrienden van ons dit meemaken).

    Dankjewel voor het delen.

  5. Basil schreef:

    Jouw schrijven ontroert, strekt tot voorbeeld en onthult als een licht op mijn pad. Ik denk natuurlijk daarbij ook aan onze zoon met kanker. Mediterend op jouw woorden resoneert het diep van binnen en de mandala’s van Hanneke bieden daarbij een rechtstreekse ingang waarbij de woorden eigenlijk al niet meer nodig zijn. Dank jullie wel!

Laat een antwoord achter aan marian lamboo Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*