Reisgenoten (6)

VERHALEN OP DE WEG

Er wordt heel wat gebeden op de weg.
Niet iedereen staat daar even positief tegenover. Er zijn er die zeggen dat het noodzakelijk is om in de spanning te blijven staan, aanwezig te blijven en ontspannen te zijn, hoe onmogelijk dat misschien ook lijkt, en dat bidden in essentie een poging is om toch nog de macht te houden. Zij zeggen dat bidden een laatste rest is van magisch denken, want waarom zou een opperwezen met een totaal overzicht door iets dat jij zegt op andere gedachten worden gebracht? Welke andere gedachten? En waarom zou hetgeen jij wenst beter zijn of juister zijn binnen het totale weefsel. Waar haal je de arrogantie vandaan om te menen dat de totaliteit van zijn dient te fungeren als jouw speciale Sinterklaas? Wat zou dat voor een God zijn?
Daar valt weinig tegen in te brengen. Daar kan ik het alleen maar mee eens zijn – met een kleine toevoeging. Zoals een rabbijn met wie ik een tijdlang ben opgetrokken het formuleerde: ‘Inderdaad, de God waarin u niet gelooft, daar geloof ik ook niet in.’

En toen was daar opeens de zachte en toch duidelijke stem van een vrouw, Margaretha was haar naam, mijn leidsvrouw toen ik net bewust aan de weg was begonnen, die zei: ‘Eigenlijk is er maar één vorm van bidden die in een onmiddellijkheid opstijgt – wanneer wij – waar dan ook om – in de allergrootste nood zijn. En dit is meestal woordeloos. Het is alsof op zo’n moment de mens alle mogelijkheid in elke vorm voorbij vliegt en regelrecht zich wendt tot de Enige die deze nood horen, begrijpen en oplossen kan.’
Haar woorden troffen mij. Zij sloten precies aan bij wat ik al deed, van nature, maar wat ik eigenlijk nooit bidden had genoemd, omdat het niet iets was dat ik buiten mij deed, op buiten gericht, of binnen mij deed, op binnen gericht, maar omdat het op een niet te categoriseren manier het laatste was wat ik steeds weer was en deed wanneer ik aan het eind van mijn Latijn was.

En zo bid ik nog steeds. Niet omdat ik het doe, maar omdat ik het ben. Als ik ben uitgesproken en niets meer kan en toch ten volle ben – dat noem ik bidden.
En wordt dat gebed beantwoord? ‘Ja,’ zei Margaretha, ‘de heilige spontaniteit uit het diepst van je hart, dat wordt altijd beantwoord.’

De heilige spontaniteit uit het diepst van je hart. En het antwoord ‘vliegt voorbij iedere vorm’ het hart in. Natuurlijk heeft dat ook gevolgen voor het concrete bestaan. Als benauwenis niet meer bepalend is, verandert alles.
Dat is iets anders dan een muntstuk werpen in Gods kauwgomballenautomaat, even geduld opbrengen, en als je dan de klik hebt gehoord, beneden uit het vakje het beoogde product opdiepen.

*

Een andere reisgenoot, Gerard Groen, vertelde mij een paar jaar geleden een verhaal over bidden – het andere bidden. Ik heb het verhaal iets veranderd. Bij Gerard, die een joodse achtergrond heeft, was de hoofdpersoon een jood, Moos genaamd. Ik heb er een vriend met een christelijke achtergrond van gemaakt. Joods of christelijk, het verhaal spreekt voor zich.

Een vriend van mij had een belangrijke afspraak in het centrum van de hoofdstad. Hij zocht naar een parkeerplaats, maar het was vrijdagmiddag en er was nergens een plaatsje te bekennen. Als hij niet gauw iets vond, kwam hij beslist te laat.
Mijn vriend is christelijk opgevoed, maar hij doet er, zoals men dat zegt, niets meer aan. Maar nu was hij ten einde raad en wanneer je ten einde raad bent val je makkelijk terug in oude gewoontes. Dus begint hij te bidden: ‘Lieve Heer, alstublieft help mij, geef mij een parkeerplaats, zodat ik op tijd kom,’ en hij begint allemaal beloften te doen: ‘Als u mij helpt, zal ik meer tijd met mijn kinderen doorbrengen, ik zoek geen ruzie meer met mijn vrouw, ik stop met drinken en ik ga niet meer vreemd.’ Op dat moment ziet hij opeens een parkeerplaats, een prachtige, ruime parkeerplaats, die daar wenkend op hem staat te wachten. Hij schuift zijn auto er snel in, draait het raampje open en roept omhoog: ‘Laat maar, God, het hoeft niet meer. Ik heb er al eentje gevonden.’

(wordt vervolgd)

Geplaatst in Hans' weblog
6 reacties op “Reisgenoten (6)
  1. Jozien schreef:

    Ja, ik ken het ook, dat een gebed uitgesproken op een moment van totale wanhoop wordt verhoord. Met dank aan de Eeuwige!

  2. Gerard Groen schreef:

    Zeg Hans,

    Maar het was toch jouw joodse vriend in Amsterdam die dreigde te laat te komen voor de Sjoel waar de zoon van zijn beste vriend een Bar Miswa deed? Rosenzweig zegt: de joden hebben de Christenen nodig om hun Goddelijke inspiratie in de wereld vorm te geven. Ze nemen hun taak af en toe we heel serieus op zeg:-)

    Gerard

  3. Darja schreef:

    Ode aan margaretha!! Wat een prachtige woorden! Wat een waarheid en eenvoud….
    Een verhaal die een traan teweegbrengt en erna inderdaad een schaterlach. Mijn kinderen zijn dol op kauwgomballen automaten: De echte: alleen komt daar in het echt ook nooit die ene kleur kauwgombal uit, die JIJ WIL!
    (Gisteren bij het zwembad. Evan gooit twintig cent in de automaat en er komt een lading kleine visssnoepjes uit, je hoort ze het apparaat uitstromen, plok. plok plok…. wel 14, alle kleuren van de regenboog. Maartje gooit haar centje er in, en er klinkt een kleine plop, als ze het klepje open doet, een grote gapende leegte, met in het midden 1 klein uitgevallen visje.)

  4. Hans Korteweg schreef:

    Dank je, Erica, voor je reactie. Je hebt dus de weg naar ons weblog gevonden. Ik moet wel een correctie aanbrengen. Het begin van het gebed luidt als volgt: Dankbaar ben ik voor uw aangezicht, o koning, levend en eeuwig enz. Hans

  5. Erica van Elk schreef:

    Ook ik ken deze twee vormen van bidden. Echt in nood, of dat je gewoon iets voor elkaar wilt krijgen. Heerlijk die humor. Waar ik ook aan moet denken die andere vorm, als er diepe stilte is en ontspanning en ik nergens op uit ben. Dan is er dankbaarheid en komt het gebed spontaan bij mij op wat ik van jou heb geleerd tijdens een retraite. Dankbaar ben ik o Koning, voor het tonen van uw Aangezicht, Levend en Eeuwig, dat u mijn Ziel heb terug gegeven, in Genade, groot is u trouw.
    Erica

  6. Marian Lamboo schreef:

    Ha, Ha, HA.
    Dit verhaal ontlokte een schater lach aan mij…..
    En in 2e instantie de gedachte; Ja, dat ken ik. Dat ik de hulp niet herken.
    Dat ik open mag staan voor de hulp die voortdurend om me heen is en aangeboden wordt……
    En dat ik het als hulp herken en aan kan nemen…….
    Marian

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*