Hulp (10)

’s Ochtends in bed, vlak voor het opstaan. ‘Zoals ik nu ben, ben ik nog nooit geweest. Dat vind ik ook eng, want als ik opsta weet ik niet waar ik ben. Daarom moet jij wel bij mij blijven.’ Als ik naar de badkamer loop: ‘Kom je weer terug? Want de wereld is heel anders dan ik had gedacht.’

Wat ik moeilijk vind in de omgang met (de verzorging van) mijn vrouw Hanneke, die nu zo’n 10 jaar lijdt aan de ziekte van Alzheimer, is dat zij zo afhankelijk is van mij. De ellips die wij met zijn tweeën vormden, is inmiddels tot een cirkel geworden, waarbij zij het middelpunt is en ik de cirkel ben. De cirkel van het luisterend oor, het oog dat kijkt en vooruitkijkt, de hand die voedt en leidt en de stem die vertaalt, geruststelt en richting wijst.
Vooral de afgelopen anderhalve maand was dat geen sinecure. Ik was ziek en bleef ziek, last van mijn longen en sinussen, moe, gammel, maar wel beschikbaar. Ondanks dat er veel hulp was, bleef het hard werken, want ook als er anderen zijn die ons bijstaan, blijft zij op mij gericht. Lastig hoor om heiland te zijn.
Ik zeg tegen mijzelf: Het is natuurlijk ook wel een eer, want haar vertrouwen is groot en dat moet toch ook iets met mij te maken hebben. Daarbij komt dat ik nu van de straat ben, ik heb een taak voor het leven, wat dat betreft zijn er geen existentiële gaten, zoals bij zoveel van mijn leeftijdsgenoten. Ik heb een taak, iets om voor te leven, en ben daardoor iemand. Daarin word ik steeds weer bevestigd. Nietwaar, om eens af te wijken van de stelling van Descartes: Ik ben belangrijk, dus ik ben.
Ja, dat mag zo zijn, maar eigenlijk heb ik helemaal geen behoefte aan een nieuwe identiteit. Ik ben juist bereid en verlangend om alles wat rol en identiteit is los te laten en in de oneindigheid mijn laatste dagen in te gaan. Dat wringt. Daarom is het ook extra moeilijk.

*

Maar wat ik het allermoeilijkst vind is het voortdurende verlies. Daar kan ik niet aan wennen. Dat moet ik steeds weer opnieuw ondergaan. Iedere keer dat er weer een brok is weggeslagen uit de krijtrotsen van haar brein, leef ik mee, voel ik de schok, en besef ik dat daarmee weer iets van ons  is weggenomen. Niet op haar tijd, niet op mijn tijd, onvoorspelbaar, omdat het zo is.
We kunnen er niet aan wennen, we kunnen ons alleen maar aanpassen. En ja, dat gaat ons goed af. Steeds weer herstellen we ons, in de beleving van de liefde, de stilte, die ons verbindt, en kijken we elkaar aan en vinden we elkaar. Dat is een wonder, maar het mes snijdt eerst, voordat het wonder gebeurt.

Ik kreeg van de week opeens zin in een film die ik tien jaar geleden twee keer had gezien: The Time Traveler’s Wife. Ik wist niet meer precies hoe de film in elkaar stak, maar ik had er opeens trek in, zoals je trek kunt hebben in iets dat je jaren geleden hebt gegeten. Toen ik de film had gevonden, ging ik meteen met Hanneke kijken.
Hanneke kan een film natuurlijk niet volgen, maar ze kan doordat zij zo acuut is in het moment wel zien of een film kwaliteit heeft. Alles wat kwaliteit heeft, heeft dat niet alleen in de lijn van de tijd, maar ook van moment tot moment. Daarin vullen we elkaar aan, want ik kijk vooral naar de lijn en geniet van de dramatische ontwikkeling en het spel, terwijl zij van moment tot moment gericht is op schoonheid en vooral op echtheid. Als zij dit van moment tot moment ervaart, kan zij soms een hele film uitkijken. Dan zitten we naast elkaar te genieten, terwijl wat we zien totaal verschillend is. Zo ging het ook nu.
(Spoiler alert) De schijnbare hoofdpersoon van de film kan sinds zijn kindertijd tijdreizen. Eigenlijk is het juister om te zeggen dat hij sinds zijn kindertijd plotseling wordt weggerukt uit zijn huidige situatie en ergens anders in de tijd wordt gedropt. Hij kan dat niet sturen, het overkomt hem. Wel blijkt hij vaak op hetzelfde punt in tijd en ruimte gedropt te worden en kan zich daardoor enigszins oriënteren. Dat is vooral heel belangrijk omdat zijn kleren niet meegaan tijdens een tijdreis en hij naakt arriveert, zeg maar gerust neerplonst, in de nieuwe situatie, wat, zoals je zult begrijpen, voor allerlei complicaties kan zorgen.
Eén van de plekken waar hij steeds terugkomt, is een bosschage bij een groot landhuis, waar hij contact krijgt met een klein meisje dat in het landhuis woont. Hij weet haar ervan te overtuigen dat hij een tijdreiziger is en zij helpt hem vervolgens, bijvoorbeeld door kleren van haar vader voor hem neer te leggen, en ziet steeds meer naar hem uit. Iedere keer komt hij terug als dezelfde veertigjarige en iedere keer is zij, het meisje, weer wat ouder geworden, totdat zij achttien jaar is. Dan is het voorlopig de laatste keer dat hij op die plek wordt afgeleverd. Het meisje, de jonge vrouw, weet zeker dat hij de liefde van haar leven is, maar waar is hij, waar in de tijd? Zij wacht en blijft naar hem uitzien. Dan komt zij (ja, want anders zou de film niet gemaakt zijn) hem een paar jaar later tegen als een jongere man, als de man die te midden van alle tijdreizen de hoofdpersoon is, die een tijdslijn kent, die geboren is en eens zal sterven.
Als zij hem eindelijk ontmoet, is zij dolgelukkig, ze kent hem, ze houdt van hem, nu heeft zij hem gevonden! Maar hij kent haar niet, want hij heeft haar op die leeftijd nog niet ontmoet. Zij heeft al een geschiedenis met hem en hij is ten aanzien van haar een onbeschreven blad. Dat geeft verwikkelingen, maar je weet als kijker dan al dat het goed komt en dat ze elkaar in de armen zullen vallen. En ja hoor, al snel trouwen ze met elkaar (gelukkig zonder de knievallen, waarvan ik niet goed word in die Amerikaanse films). Zij weet dat hij een tijdreiziger is en dat hij ieder moment kan worden weggerukt, maar nu gaat zij aan den lijve ondervinden hoe het is om getrouwd te zijn met iemand waarvan je houdt en die ieder moment kan wegschieten, eigenlijk altijd op een ongelegen moment, terwijl je aan het vrijen bent, tijdens het huwelijk, als het kerstmis is. Zij vindt het veel moeilijker dan zij dacht, ze lijdt eronder, ze wordt woedend, ze wordt somber, ze neemt afstand, ze wordt begripsvol, maar het helpt allemaal niet, want ze houdt van hem en dit is het gegeven, hun liefdesgegeven.
Er valt veel meer over te vertellen, maar ik ben nu al te lang bezig, vind ik, als een kind dat voor het eerst een film heeft gezien en zijn moeder daarover vertelt. Maar ja, korter kan ik niet, net zoals dat kind.

Je zult wel begrepen hebben dat ik mij herken in de vrouw van de tijdreiziger (heel goed dat die film naar haar is genoemd en niet naar hem). Zeker, dat is zo, maar herkennen is nog neutraal en ik was niet alleen neutraal terwijl ik zat te kijken, ik was ook diep geroerd. Een Hollywoodfilm, een goede Hollywoodfilm, en ik, met al mijn afkeer van commerciële prenten was diep geroerd. En dan zeg ik het nog niet echt zoals het was, want ik zat te huilen, een uur lang te huilen, de tranen rolden zachtjes over mijn wangen, toen het eenmaal tot mij doordrong wat die vrouw moest doorstaan. Ik huilde voor haar, voor het leven dat zo is, ik huilde voor mijzelf en ik huilde voor Hanneke die naast mij zat, mijn lieve tijdreizigster. Zo nu en dan keek zij opzij met dat verbaasde gezicht van haar en dan keek zij weer naar de film. Zij zag niets verdrietigs, het was goed wat zij zag. ‘Het klopt als een bus,’ zei zij. En dat vond ik dan weer mooi en echt Hanneke.

Waarom vertel ik dit nu? Ik vertel het niet in de eerste plaats om te delen, ik vertel het met een bedoeling. Ik wil iets heel precies zeggen. Over liefde. De liefde waar ik zo vaak over schrijf. De liefde die mijn centrale boodschap is. Ik wil wijzen op de donkere grond, de misschien wel noodzakelijke donkere grond, waar liefde kan opbloeien, maar die hoe dan ook donker is. Het mes dat voorafgaat aan het wonder.
Liefde is niet een prachtige, heerlijke saus die alles doordringt en alles een en dezelfde verrukkelijke smaak geeft. Nee, absoluut niet. Op het palet van de liefde zijn de donkere kleuren net zozeer aanwezig als de lichte tinten.

Ik vertel het ook omdat ik niet voor romanticus wil worden versleten. Ik ben een man die alles tot het einde toe doorleeft, dat niet kan laten, en steeds weer tot zijn verwondering ervaart dat dit alles, hoe pijnlijk en gebroken misschien ook, vervuld blijkt te zijn van licht.
Wanneer dit, dit bestaan, de hele waaier, en daar hoort dus ook de pijn, de angst en de verlatenheid bij, zonder voorbehoud doorleefd wordt, blijkt het, om het in de woorden van mijn lieve vrouw te zeggen, te kloppen als een bus. Dat is geen ideologie, het is een ervaringsfeit.

Omdat dit voor mij de kern is, plaats ik deze bijdrage niet als een vervolg in de reeks Alzheimer en de liefde, maar als de volgende aflevering in de serie Hulp.

(wordt vervolgd)

Geplaatst in Hans' weblog
16 reacties op “Hulp (10)
  1. Peter de Leeuw schreef:

    Beste Hans,

    Ik reageer nu niet op je vlog. Ik zag gisteren de herhaling van jouw optreden in de Verwondering”” . Reden voor mij om weer opnieuw de tranen in mijn ogen te voelen branden. Ook mijn Joke van n75 lijdt nu ongeveer 10 jaar aan Alzheimer. Per augustus 2019 moest ik haar overdragen aan een zorginstelling. Ik had nog slechts één troost. Zij wist niet meer wie ik was, wie zij was en waar zij was. Ik bewonder de wijze hoe jij omgaat met je zorgtaken. Je bent wel een jaar jonger dan ik. Ik zie hoe vermoeid jij bent. Je praat er nog opvallend nuancerend over. Het lijkt wel of je het wilt doen voorkomen of dat het allemaal wel meevalt. Maar het valt niet mee. Nu de fysieke last min of meer van mij is afgevallen, blijkt het verdriet alleen maar erger en bijna onverdraaglijke te worden. Moet ik jou benijden? Ik weet het niet. Mogelijk deed jij je op TV sterker voor dan je in werkelijkheid bent.
    Als laatste welk boek van jou kun je mij aanraden in mijn situatie. Oog in oog contact blijkt niet mogelijk. Dan maar via jouw boek. Ik leef met je mee en weet beter dan geen ander hoe zwaar jij het hebt. Peter

    • Hans Korteweg schreef:

      Beste Peter,

      Hartelijk dank voor je reactie.
      Je hebt mij geïnspireerd tot een antwoord, dat ik eerst hier wilde plaatsen, maar dat vervolgens uitgroeide tot een langer artikel (zie Hulp (11)). Het is een kort artikel én een antwoord op jouw reactie.

      Je vraagt naar een boek van mij. Ik moet dan in de eerste plaats denken aan De grote sprong. Ik heb dat boek meer dan 30 jaar geleden geschreven en heb daarin belangrijke bijdragen van Hanneke en een vriend verwerkt. Het is een boek over de sprong in het denken en handelen, de sprong uit het weefsel van emoties en vooronderstellingen in een meer onbevangen bestaan. Er staat helaas nogal wat onzin in het boek, zo ben ik helemaal niet meer content met de schematische voorstelling van inwijdingen. Laat die onzin, het te strak denken in volgorde van ontwikkeling, maar voor wat het is. Ik stond toen zelf op een drempel. Het is toch een mooi boek, ook juist door de samenwerking met mijn vrouw en mijn vriend.

      Ik wens je toe dat je niet verscheurd wordt door het gemis en dat je weer de ronde man wordt die jij ongetwijfeld bent. Met het verdriet, het doorleefde verdriet, dat een component is van levenswijsheid. Er is zo’n grote behoefte in onze materialistische maatschappij aan mensen die oud zijn en toch jong, aan mannen en vrouwen die niet aan de wedloop meedoen en het verlies kennen, mannen en vrouwen die, hoe geknakt ze ook zijn, de rouw doorgaan en opstaan.

      Hartelijke groet,

      Hans

  2. Atie schreef:

    Atie
    Mijn man had vasculaire dementie
    Hij is 23 augustus 2021 overleden
    Hij zat zo zei hij het zelf opgesloten in zijn eigen lichaam
    Ik mis hem

  3. Joke Verveer schreef:

    zondag 12 september,
    Ik heb net de uitzending ‘de verwondering’ gezien. De tranen rolden me over mijn wangen. Herkenning. Bemoediging. Bewondering. Ik hoop dat ik ook op deze manier met mijn lief om zal kunnen gaan. Hij heeft de diagnose nog maar 1 jaar geleden gehoord, PPA (primair progressieve afasie) gerelateerd aan alzheimer. In korte tijd hebben we ons huis verkocht en zijn in een senioren appartement gaan wonen. Daardoor ben ik voornamelijk bezig geweest alles te regelen. Logopedist; ergotherapie en een zorgboerderij. Ik vind het zo hard gaan!! Praten is extreem moeilijk voor hem. Met allerlei kunstgrepen hebben we nog een ‘gesprek’. Hij is heel erg in zichzelf gekeerd en ik kan hem moeilijk bereiken. Op dit moment 8 maanden na de verhuizing, dringt het kennelijk pas in volle omvang tot mij door, ben ik bezig met aanvaarden. U zegt het zo goed, het snijden, de pijn, de allenigheid, de donkerte. En toch zijn er ook nog veel lichte momenten waarbij hij mij aankijkt en knuffelt.
    Ik zoom uit en zie dat er veel leed is. Dat niemand er aan ontkomt. Dat ik niet de enige ben. Dat helpt.

    • Hans Korteweg schreef:

      Dank je, Joke. Prachtig! Zo oprecht. Je zult misschien wel, net zoals ik, verbaasd zijn, steeds weer, dat er zoveel hulp is – van binnenuit én van buitenaf, vrienden, nieuwe ontmoetingen – je bent hier niet alleen in. Hartelijke groet, Hans

  4. Rieky schreef:

    Ik lees voor het eerst vanmorgen al deze informatie naar aanleiding van de herhaling van de Verwondering van
    Annemiek Schrijver met Hans Korteweg.
    Ik ben net als de vorige uitzending zeer onder de indruk hoe Hans zijn verhaal verteld. De reacties hier op lees ik met zeer veel interesse.
    Het doorleven de diepte ingaan in moeilijke momenten van het leven en het niet opgeven is zo ik ervaar en vooral heb ervaren in andere situaties het moeilijkst.
    Toch kwam ik erdoor, mijn ervaring is en was: ook ik wordt geholpen. Hoe en waardoor weet ik niet maar het gebeurde.

  5. Tino schreef:

    Dank Hans. Wat een diepte en eenvoud in jouw schrijven. Hopelijk duurt het nog een tijdje voordat je de oneindigheid ingaat en blijf je nog lang en veel schrijven over jouw ervaringen en inzichten, en laat deze rol jou voorlopig nog niet los!

  6. Ida schreef:

    Ik heb veel aan dit blog, juist misschien omdat ik zelf vooral in het verzet zit, in dezelfde situatie maar aan het begin nog maar. Als ik tien jaar lees, krijg ik het vreselijk benauwd. Het is als een val waarin ik terecht ben gekomen, waar een grijnslach boven hangt. Maar ik lees in de krant over een jonge vrouw die kanker heeft en het einde aangezegd is en hoe constructief ze daarmee omgaat. Het is alsof ikzelf alleen maar kan ademen als alle mogelijkheden tot in het oneindige voor me open blijven liggen. Zoals ik laatst euforisch langs het wad struinde om de leegte en volheid waar ik temidden van was.
    “Het mes dat snijdt gaat vooraf aan het wonder” die zin raakte me, zoals ook “de donkere grond” als onderdeel van de waaier van de liefde. Dat ik soms niet weet of ik nog liefheb, en onmiddellijk weet dat het wel zo is, ondanks de verlatenheid bij het wegvallen van weer een gezamenlijke herinnering.
    De vroegere les van Hanneke aan Els: “Wees benieuwd naar wat het brengen kan ” en “Door de werkelijkheid nu in ogenschouw te nemen zo op een frisse manier jezelf tot uitdrukking te brengen”. Misschien is dat wel hetzelfde als euforisch langs het wad lopen om de leegte en volheid van elk ogenblik. Ik doe mijn best.

  7. els donkers schreef:

    Gisterenmiddag bracht ik Hanneke, na een enerverende en boeiende dag die we gezamenlijk, inclusief Christina die het haar van Hanneke knipte doorbrachten, weer thuis bij jou Hans. Terloops zei je dat je benieuwd was wat ik van dit blog zou vinden.

    Ja, ook dit blog heeft weer verschillende gelaagdheden, die uitnodigen om bij jezelf te rade te gaan, zo’n onderwerp op je in te laten werken, wat je hierin wel of niet herkent.
    Je schets voelbaar de gesteldheid waarin Hanneke verkeert. Je benoemt hoe je nu volledig haar steun en toeverlaat bent en dat je dat ook een positie zou kunnen geven.
    Terwijl je verlangen in deze levensfase er vooral op gericht is om in de oneindigheid te vertoeven.
    Hoe je ziek bent en tegelijkertijd beschikbaar bent voor haar.
    Het verdriet dat je telkens weer opnieuw ervaart als er weer een gat valt in haar brein.
    Dan de zo precieze weergave hoe jij en Hanneke ieder op zichzelf en met elkaar de film tot je nemen, waarin de eigenheid van Hanneke, door alle gebrekkigheid heen, volledig tot uitdrukking komt.
    En je concluderende woorden dat liefde alle pijn, machteloosheid, verzet, schoonheid in zich draagt en erom vraagt dat dit ook volledig doorleefd wordt.
    En deze laatste alinea vormt de reden dat je dit blog onder de noemer Hulp geplaatst is en niet onder Alzheimer.
    Ja, prachtig vind ik het geheel…

    Deze zomer ben ik met regelmaat Hanneke op komen halen voor onze uitstapjes. Ik kan vanwege mijn handicap niet goed lopen en we houden beiden van het rijden in de auto en van de natuur om ons heen volop op ons in te laten werken. Een vertrouwde route die we al jaren maken loopt langs de IJssel, we steken dan over met de pont, gebruiken ergens een smakelijke lunch en rijden via de andere zijde weer terug naar Zutphen. Ook zijn we de afgelopen periode heel wat keren, binnen door rijdend, bij mensen uit de leerlingengroep op de koffie geweest of hebben we bij iemand geluncht. Was hartverwarmend.
    En voor mij is het volop genieten; van de manier waarop Hanneke beschrijft wat ze onderweg ziet, van de manier waarop we uitwisselen vanuit wat er bij ons opborrelt, van het telkens weer (alsof het de eerste keer is) uitleggen waar we vandaan komen en wat we die dag gaan doen.
    Van de waardering voor mij die Hanneke telkens uitspreekt.
    Vertel ik iets over mijn leven dan vult ze feilloos aan hoe dit op haar overkomt en geeft haar commentaar. Heerlijk!
    Ik geniet van de manier waarop Hanneke vragen aan mij stelt, en ik heb bewondering voor haar inzet en toewijding om alert aanwezig te blijven.
    En wat jij beschrijft Hans; Hanneke is compromisloos in het aangeven wat voor haar echt is en wat kwaliteit heeft, bijvoorbeeld met muziek die ik opzet, waarbij we luidkeels meezingen en zij een strak ritme aanhoudt en dan wordt het stil naast me. En dan zet ik op een gegeven moment de muziek af met ik vraag wat ze van de laatste liedjes vond. En ik herken en beaam dan wat haar commentaar is, maar ik ben wel bereid om me daar dan toch maar gewoon in mee te laten voeren. Hanneke niet…

    Op de terugweg naar Zutphen, dan voel ik dat de ontreddering over waar ze nu is en waar ze naar toe gaat en of het wel goed gaat komen, ook vanwege vermoeidheid, gestaag toe gaat nemen.
    Ik leg dat dat dan weer uit, maar echte ontspanning geeft het haar niet meer. Gisteren vroeg ik op een gegeven moment: waar denk je nu aan Han? Dan schetst ze de onrust, ontreddering waarin ze verkeert en ze vermeldt erbij dat ze het ook vervelend vindt dat ze zou moeten gaan liegen over dat ze het nog leuk vindt waar we mee bezig zijn.

    Al met al is zij voor mij de lerares die zo’ een bevrijdende werking op mijn levensweg heeft gehad.
    Altijd nog hoor ik haar woorden, die ikzelf ook ben gaan gebruiken naar anderen: onderzoek wat er nu met je gebeurt, ben benieuwd naar wat het brengen kan. Niet zozeer door te duiden naar het verleden of te lijden aan het verleden, maar door de werkelijkheid nu in ogenschouw te nemen om zo op een frisse manier jezelf tot uitdrukking te brengen.
    Van lerares is het ook een waardevolle vriendin geworden, waarbij ik het ook telkens weer verrassend vind hoe Alzheimer, zich bij haar uitdrukt.

    Liefs voor jullie beiden,
    els

  8. Jeannette schreef:

    Prachtig beschreven Hans. Echte liefde… aanvaard.

  9. Marieke schreef:

    Beste Hans, herkenbaar en prachtig precies beschreven, er is niets romantische aan de Liefde.
    Dank dat je blijft delen en de woorden vindt die me zo kunnen raken en ontroeren.
    Hartelijke groet,
    Marieke

  10. Christina Schuijff schreef:

    Vandaag ontmoette ik haar, een reiziger in de tijd. Net als mijn moeder. Een wolk van zachtmoedigheid ging om haar heen. Genietend van de kleuren om haar heen. Van haar liefdespalet? Ze zag ze overal, op de schilderijen, de stoel, de paarse bloemen, de shawl met bloemen. Ze bekeek ze, mompelde wat en wentelde zich in de schoonheid van de kleuren. Weg van de grote film, maar met een precieze en heldere geest mbt haar film. Ze deelde hoe mooi die paarse kleur van de planten waren en hoeveel ze daar wel van hield. Maar toch ook van die gele kleur van die paar kleine gele bloempjes die ertussen stonden. Vol van vreugde en liefde nam ze het tot zich en deelde dat met mij. Mij die ze slechts 5 minuten kende. En over de schilderijen met de tulpen. En één die miste wat oranje en toen ik mij in haar film verdiepte zag ik ook het kleine witte, kale plekje waar een beetje oranje mistte.
    Na wat zachtmoedige uitwisseling zo tussen ons stapte ze in de film van de kapper. En ik moet zeggen niet geheel zonder vreugde. Wat voelde ik liefde als een warme deken voor deze reiziger in de tijd. Ik was zo benieuwd of ik kleine stukjes in haar film mee kon en mocht reizen. En dan mocht, ook al zat ik er weleens naast en ontglipte zij mij even. Maar dat was ok. We vonden elkaar wel weer in het volgende stukje. Toen mocht ik de haren knippen en weer die opmerkzaam tussen haar eigen film door. Ik zei; buig je hoofd maar wat dan kijk ik even naar je nek. ( gekke opmerking, echt kappers jargon)
    Haha zei de reiziger wat leuk; je kijkt in mijn nek!!! En samen moesten we er, kijkend vanuit onze eigen film, om lachen.
    De tijdreiziger, ik heb haar ontmoet! Vaak over haar gehoord maar niet eerder ontmoet. Mijn hart ging open en voelt vanavond nog steeds warm en licht door de liefde die er stroomt.
    Dag Hanneke! Ik vond het een eer om mee te mogen reizen in jouw tijd, in mijn tijd en ook in onze tijd samen.

  11. Els schreef:

    Samen en alleen en dat keer op keer. Tussen het verdriet en verlies de Liefde weer zien en trots op een knappe vondst. Ik blijf het hartverscheurend mooi vinden.

  12. Els schreef:

    Samen en alleen en dat keer op keer. Tussen het verdriet en verlies de Liefde weer zien en trots op een knappe vondst. Ik blijf het hartverscheurend mooi vinden.

  13. Lien Poorterman schreef:

    Mijn man kreeg vanmidddag te horen dat hij vasculaire dementie heeft. Jouw verhaal geeft een doorkijkje naar onze toekomst

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*